dinsdag 24 mei 2016

Een verlichte meerderheid



Waarschijnlijk (en hopelijk) zullen we over enkele decennia (maar liever al veel eerder) stomverbaasd zijn dat we dan nog maar zo kortgeleden in overgrote meerderheid zulke ongehoorde denkbeelden aanhingen. Dat we de kleine minderheid die het daar niet mee eens was als ouderwets en niet goed wijs beschouwden en onszelf als progressieve en verlichte geesten.

Dat we meenden - ik noem slechts twee van onze vele hedendaagse dwaasheden - dat we ons, door van bijstandsgerechtigden al meer dan een decennium een verplichte ‘tegenprestatie’ te verlangen in ruil voor hun uitkering, als samenleving helemaal niet schuldig maakten aan het opleggen aan medeburgers van in mensenrechtenverdragen verboden dwangarbeid. En we niet wilden beseffen dat we door dementerende en dus wilsonbekwame ouderen, liefst en plein public op de televisie te euthanaseren, feitelijk de moordenaars waren van mensen op wier zorg we eerst zwaar hadden bezuinigd, en op wie we door het propageren van zo’n ‘waardig sterven’ zware sociale druk uitoefenden om ook voor deze  kille en stiekem uitsluitend op budgettaire motieven gebaseerde ‘oplossing’ te kiezen.

Dat we ons lieten wijsmaken dat die recente door de rijksoverheid en artsenfederatie KNMG opgestelde ‘Handreiking schriftelijk euthanasieverzoek’ werkelijk ‘slechts een verduidelijking van de euthanasiewet’ was, zoals de overheid stelde, en niet een verdere verruiming daarvan en een zoveelste nieuwe handreiking aan Magere Hein, waarbij het mogelijk werd iemand te doden die weliswaar in het verleden een verzoek heeft gedaan tot euthanasie onder bepaalde omstandigheden, maar dit verzoek nu niet kan of wil herhalen.

Dat we geloofden dat de benoeming door de ministers van Volksgezondheid en Justitie van D66-jurist Jacob Kohnstamm als voorzitter van de Regionale Toetsingscommissie Euthanasie, gezien zijn ‘affiniteit met het onderwerp’ de gewoonste zaak van de wereld was, ook al bestond die ‘affiniteit’ er enkel uit dat hij van 2000 tot 2006 voorzitter geweest van de Nederlandse Vereniging voor een Vrijwillig Levenseinde (NVVE) en tussen 2002 en 2006 bestuurslid van de World Federation of Right to Die Societies, een samenwerkingsverband van verschillende internationale organisaties, waaronder de NVVE, die een liberaler euthanasiebeleid voorstaan. Met de benoeming van deze man als voorzitter houdt de toetsingscommissie, die moet beoordelen of een arts die euthanasie heeft uitgevoerd zich heeft gehouden aan de wettelijke zorgvuldigheidseisen, zelfs niet de schijn van  onpartijdigheid op.

Hopelijk is met het bereiken van dergelijke uitwassen het punt bereikt waarop we binnen afzienbare tijd tot bezinning komen en ons voor onze kop zullen slaan van spijt en schaamte, zoals velen dit zich al beginnen te doen met onze nog recente opvattingen over privatisering en marktwerking,  en zoals ons buurvolk zich dit al een jaar of zestig geleden deed met betrekking tot hun hele ideologie. Al zullen dan wel inmiddels duizenden van onze landgenoten door ons in vrijwel alle gemeentes in ons land onterecht, en zelfs zonder dat een rechter zich ertegen heeft uitgesproken, aan de dwangarbeid gezet, of naar Hades’ donkere woning gevoerd zijn. Keizers dragen nog steeds graag nieuwe kleren.

Een voorzichtige kentering lijken we gelukkig eindelijk te kunnen waarnemen: de commissie die onderzoek deed naar hulp bij zelfdoding onder leiding van oud SCP-directeur Paul Schnabel, heeft, ondanks het feit dat deze op de lijst van euthanasiepartij D66 voor de senaat staat, onlangs geadviseerd de mogelijkheden hiertoe niet verder te verruimen. En onder andere NRC-Handelsblad meldde op 12 februari jl. dat twintig gemeenten, waaronder Amsterdam, weigeren nog langer hun bijstandsontvangers de door het Rijk verplichte dwangarbeid op te leggen.


Eerder geplaatst op de website Konfrontatie 27-2-2016

zaterdag 23 april 2016

Gehysteriseerde hondenbaasjes



Hoewel de misdaadcijfers al jaren een dalende lijn vertonen, neemt het aantal plaatsen waar burgers zich verenigen om in hun woonomgeving als ‘burgerwachten’, ook wel ‘buurtwachten’ of ‘buurtpreventieteams’ genoemd, te patrouilleren, en zo, al dan niet voorzien van honkbalknuppels, criminele elementen af te schrikken, of om als digitale buurtwachten in WhatsApp-groepjes verdachte situaties te signaleren, gestaag toe.

Soms doen deze burgers dat uit eigen beweging, maar vaak ook worden zij daartoe opgeroepen door de plaatselijke politie, bijvoorbeeld omdat zij een hond in huis hebben die regelmatig uitgelaten moet worden, het baasje de buurt dus goed kent en hij uiterst geschikt is om, als hij iets ongewoons ziet, dit te melden aan het bevoegd gezag. Sommige politieregio’s gaan zelfs zover bij dit ronselen van hondenbaasjes als burgerwachten, dat zij deze persoonlijk benaderen (kennelijk met privacy-informatie afkomstig uit de, onlangs opnieuw lek gebleken, gemeentelijke basisadministratie; hoe weten zij immers anders precies wie een hond houdt en wie niet?) met een uitnodiging lid te worden van zo’n burgerwacht en hen, als zij hierop ingaan, belonen met een halsbandje met daarop de geinige tekst ‘Ruik je onraad – bel 112’.

De overheid ziet het kennelijk als haar taak de burger, die toch al voortdurend geconfronteerd wordt met propaganda over ‘participatie’ (waarvan het patrouilleren als burgerwacht immers ook een vorm is), een eindeloos gehamer op veiligheid, waarbij zelfs het Ministerie van Justitie is omgedoopt in Ministerie van Veiligheid en Justitie, en met allerlei televisieprogramma’s over de opsporing van criminelen, zonder dat daartoe enige aanleiding is, een veiligheidshysterie te laten ontwikkelen, zijn medeburger bij voorbaat als verdachte te laten zien en eigenrichting te bevorderen.

Dit alles zal er ongetwijfeld toe leiden dat het aantal inbraken afneemt in de buurten in kwestie, maar hiervoor betalen we wel een prijs: het conformisme wordt verder bevorderd (alles wat afwijkt van de norm wordt immers meteen als ‘verdacht’ aangemerkt), de vreemdelingenhaat, die de laatste jaren toch al ongekende vormen heeft aangenomen, wordt nog verder aangewakkerd, de kans op eigenrichting, al dan niet met behulp van honkbalknuppels, wordt vergroot, evenals de kans dat burgerwachten zich ontwikkelen tot knokploegen en zelfs tot rekruteringsplaatsen van extreem-rechts, zoals men in Duitsland al zag gebeuren.* Paradoxalerwijs wordt door de aanwezigheid van burgerwachten niet alleen het gevoel van veiligheid, maar ook dat van onveiligheid versterkt: ‘Als er gepatrouilleerd wordt door een buurtwacht, zal het hier wel niet pluis zijn’. Of: ‘Misschien vinden ze mij ook wel verdacht.’

Nu al lees je verhalen over argeloze collectanten (die ervan verdacht worden ‘nep-collectanten’ te zijn, niet verbonden aan een goed doel) en mensen met een allochtone achtergrond die met knuppels worden achtervolgd of van een vroege krantenbezorger die tot zijn ontsteltenis plotseling omringd wordt door een grote groep alerte buutbewoners die een inbreker op heterdaad hopen te betrappen.

Hondenbaasjes en andere burgers van Nederland: laat je niet hysteriseren. Maak een frisse wandeling met je blije blaffer en maak af en toe een vriendelijk praatje met de vreemde snuiter die je pad kruist. 


* Zie het artikel van  Jos van Dijk  op de website Sargasso, 15-1-2016: http://sargasso.nl/amerikaanse-toestanden/

maandag 11 januari 2016

Petitie: Bevrijd Gelderland nu ook van Clemens Cornielje



In de uitzending van Buitenhof heeft premier Rutte (VVD) het afgelopen zondag (10-1-2016) opgenomen voor zijn partijgenoot Loek Hermans, die door (eveneens partijgenoot) Clemens Cornielje, Commissaris van de Koning in Gelderland, ondanks zijn veroordeling wegens wanbeleid bij zorgmoloch Meavita was voorgedragen als waarnemend burgemeester van Zutphen. "We kunnen het ons niet veroorloven iemand met zo'n staat van dienst voor de rest van zijn leven melaats te verklaren", aldus de premier over de inmiddels vanwege de ontstane commotie teruggetreden voorgedragene.



De maat is met deze uitspraak in Buitenhof nu echt vol. Met Rutte kunnen we afrekenen bij de verkiezingen. Steun nu vast de petitie tegen degene die verantwoordelijk is voor de voordracht van Hermans, de Gelderse Commissaris van de Koning, Clemens Cornielje (uiteraard ook VVD): Gelderland moet nu ook bevrijd worden van Clemens Cornielje
http://www.petities24.com/geld...




























maandag 28 december 2015

Totale zotheid bij toekenning van politieke en bestuurlijke eretitels



Tired with all these, for restful death I cry

Een van de meest schokkende gebeurtenissen uit het politieke jaar 2015 is de recente verkiezing door de parlementaire pers van de nieuwe staatssecretaris van Justitie, Klaas Dijkhoff (VVD), tot politicus van het jaar.

De keuze van deze journalisten werd bekend op de dag nadat Dijkhoff zich in de Tweede Kamer moest verantwoorden voor zijn rol in de zogenaamde ‘Teevendeal’. Dijkhoff had namelijk, nota bene in zijn hoedanigheid van Kamerlid waarin het juist zijn taak was de regering te controleren, meegeschreven aan een misleidend persbericht van het Ministerie van Justitie over de schikking van de door hem kort daarna opgevolgde staatssecretaris en partijgenoot Teeven met een crimineel.

Verder staat Dijkhoff bekend als een verklaarde vijand van de rechtsstaat. Samen met zijn partijgenoten Blok en Taverne, welke laatste een absurd wetsvoorstel van die strekking heeft ingediend, heeft Dijkhoff op 23 februari 2013 een opiniestuk in NRC-Handelsblad gepubliceerd onder de titel Verdragen mogen niet langer rechtstreeks werken, waarin wordt bepleit Nederlandse wetten niet langer door de rechter te laten toetsen aan internationale mensenrechtenverdragen en daartoe de grondwet te wijzigen. Een parlementaire pers die een dergelijke staatsrechtelijke griezel tot politicus van het jaar benoemt, is zoiets als de Katholieke Kerk die een handlanger van de duivel zalig verklaart.

Het doet ook denken aan de handelwijze van de redactie van Binnenlands Bestuur, het ‘vakblad’ voor ambtenaren en bestuurders bij de overheid, die enkele jaren geleden (in 2012) Henk Aalderink, de toenmalige - inmiddels overleden - burgemeester van de Achterhoekse gemeente Bronckhorst, tot ‘beste lokale bestuurder’ heeft uitgeroepen, de man die in dat jaar de in zijn gemeente begraven nazi-soldaten op 4 mei, tijdens de Nationale Dodenherdenking, mede wilde herdenken, met dat voornemen een (inter)nationale rel veroorzaakte, populariteit onder neonazi’s verwierf, en er alleen door middel van een kort geding van afgehouden kon worden zelf mee te defileren langs de Duitse graven in zijn gemeente.

En die in zijn germanofilie ook nog met het plan kwam het nazi-regime, dat tijdens de bezetting in het kader van de Arbeitseinsatz Nederlandse mannen in Duitsland te werk stelde, na te volgen door werklozen uit zijn eigen regio al dan niet gedwongen ook in Duitsland te laten werken. Inmiddels is er in Bronckhorst een straat naar hem vernoemd.

Ik heb proberen na te gaan wat de criteria zijn bij de toekenning van Nederlandse politieke en bestuurlijke eretitels. Dat was niet eenvoudig. In het geval van de parlementaire pers vroeg Parool-journalist Michiel Zonneveld zich al in 1998 af of de voor lauwering in aanmerking komende politici wel met de juiste maatstaven werden gemeten, er geen sprake was van willekeur, en de enige norm uiteindelijk niet gewoon was: succes bij het verwerven van macht. Bij Binnenlands Bestuur zijn de criteria nog vager. In het algemeen gelden het hebben van een vlotte presentatie, het zijn van een goed debater en succes belangrijk, evenals een gebrek aan principes en standvastigheid. Kortom, het is nog steeds hetzelfde als in de dagen van William Shakespeare: needy nothing trimm'd in jollity en gilded honour shamefully misplaced.

Ik heb dan ook alvast een suggestie voor een eervolle bestuurlijke vermelding voor het komende jaar: die moet gaan naar de gemeenteraad van Zutphen. Deze stemde kort geleden unaniem in met de voordracht door de Gelderse Commissaris van de Koning Clemens Cornielje (VVD) van zijn partijgenoot Loek Hermans als waarnemend burgemeester van de gemeente per 1 februari 2016. Hermans is nog geen twee maanden geleden afgetreden als voorzitter van de VVD-fractie in de Senaat wegens een veroordeling voor wanbeleid bij thuiszorgorganisatie (of liever: zorgmoloch) Meavita en liet daar een schuld van tientallen miljoenen achter en is verantwoordelijk voor het banenverlies van duizenden werknemers. De gemeenteraad van Zutphen schuift in een persverklaring het rechterlijke oordeel van wanbeleid onder het vloerkleed en schrijft dat er met de ‘bijbanenkampioen’, zoals Hermans wel gekarakteriseerd is, ‘een goede klik was. […] Zutphen denkt in Loek Hermans een waarnemend burgemeester te hebben gevonden die een verbindende rol kan spelen […]. Een daadkrachtige persoonlijkheid met een stevig bestuurlijk netwerk op landelijk en regionaal niveau en contacten in het midden en kleinbedrijf.’ De man hoort in de lange - maar waarschijnlijk nog geenszins volledige - rij van recent in het nieuws gekomen dubieuze en veelal zelfs ronduit corrupte VVD-politici: Van Rey, Leegte, Verheijen, Hooijmaijers , Opstelten, Teeven ,Van Miltenburg, maar dat is kennelijk geen probleem.

Goede tweede kanshebber: burgemeester Miranda de Vries van de gemeente Geldermalsen, die na gewelddadige protesten van een opgehitste bevolking zwicht voor de Wilderiaanse stem van het gepeupel en afziet van het voornemen tot opening van een asielzoekerscentrum en daarmee een precedent schept en er blijk van geeft het verschil tussen democratie (in dit geval liever ochlocratie) en de democratische rechtsstaat niet te kennen.

Cornielje en Hermans zelf zijn natuurlijk zelf ook prima kandidaten.


zondag 29 november 2015

O kerstdag, zwarter dan de nachten



Op het moment dat ik dit stukje schrijf is het pas november, maar begint het niettemin al weer duidelijk voelbaar te worden: het feestdagengelazer komt er weer aan. Brievenbussen die niet het voorbehoedsmiddel van de nee-sticker gebruiken, worden door de middenstand weer volgepropt met de, vooral op kinderen gerichte, catalogi der hebzucht. Je bent gedwongen je noodzakelijke boodschappen te doen in mistroostige nieuwbouwwinkelcentra vol Sinterklaas- en Kerstmuzak, en honden en katten duiken van tijd tot tijd al weer bevend en jankend onder banken, bureaus en in andere schuilhoeken vanwege het geknal van vuurwerk, waarvan het afsteken in Nederland als enige onder de omringende landen aan particuliere pubertjes wordt overgelaten en dat, zoals in dat geval te verwachten, van oktober/november tot eind januari onophoudelijk voortduurt. Leefbaarheid staat immers onderaan het prioriteitenlijstje van onze volksvertegenwoordigers, evenals begrip voor de trauma’s voor vluchtelingen uit oorlogsgebieden en voor de paniek die in het na de aanslagen in Parijs heersende klimaat van angst door het afsteken van vuurwerk gemakkelijk kan ontstaan.

Nog even en we worden door de nieuwslezers weer plichtsgetrouw geïnformeerd over de gevolgen van de na de crisis mogelijk weer aantrekkende economie op de, op hun redacties kennelijk jaar na jaar van eminent belang geachte, sinterklaasverkopen. En langzaam dalen we weer af naar de diepste cirkels van de decemberhel, de kerstdagen, dat nimmer falende, gruwelijke recept voor neerslachtigheid, verveling en nodeloos bewust gemaakte existentiële eenzaamheid; dat onneembare bastion van familiaal egocentrisme en verstikkende zelfgenoegzaamheid, in het kader waarvan men zich wekenlang uitsluitend richt op de eigen kneuterkring, met volledige buitensluiting van heel de wereld, die in deze periode dan ook geheel lijkt op te houden te bestaan. Wie het eind december in zijn hoofd zou halen als vreemdeling ergens aan te bellen, zou de be-kerstkranste deur in zijn gezicht dichtgeslagen zien, ook al is het de Nederlander bij ongeschreven wet verboden met kerstmis alleen te zijn, zoals commercie en media niet nalaten ons in te peperen. Wer jetzt kein Haus hat dient zich desnoods door de meest zouteloze types aan de, onder zware stress bereide en temidden van eindelijk tot uitbarsting komende familieruzies opgediende, kerstdis te laten inviteren.

Men kan eigenlijk maar één ding doen om zich aan de tirannie van eland en engelenhaar te onttrekken: de gordijnen sluiten en onderduiken onder de dekens. En bovenal: tijdens de kerstdagen, op straffe van een acute depressie, vooral geen radio of televisie aanzetten: die ondernemen in deze periode serieuze pogingen hun gebruikelijke inhoudsloosheid nog verder te overtreffen en daarmee nog ‘gezelliger’ te zijn dan anders met speciaal voor dat doel gekweekte zogeheten Bekende Nederlanders in een infernale ambiance van sparren en geglitter. Haal liever dat dikke boek uit de kast, dat je al jaren eens wilt lezen. Als je het uit hebt, zal je geest verkwikt zijn, de zevenentwintigste haast ongemerkt aangebroken en kerstmis verdwenen als een spook bij zonsopkomst; als de nachtmerrie, die je als kind bezocht, bij de aanblik van je vertrouwde teddybeer. Alleen met oud en nieuw nog even een stukje de grens over om het zenuwstelsel van je hond of kat te sparen en een vers jaar ligt weer voor je open.

Laten we for Christ’s sake het kerstfeest, nu het al decennialang verworden is tot niets dan een jaarlijks terugkerende bezoeking van wansmaak, spilzucht en psychische ontreddering op epidemische schaal, eindelijk afschaffen: de commercie en de glitterboys van de media hebben deze slag definitief gewonnen en eind december hun dorre land gevestigd! Lang leve de paashaas met zijn dartele sprongen door het malse gras van de nieuwe lente.



donderdag 19 november 2015

Aanslagen in Parijs of niet, Nederlandse vuurwerkterreur gaat gewoon door



Over een kleine anderhalve maand is het weer oudejaarsavond. Dat betekent dat er al weer volop knalvuurwerk tot ontploffing wordt gebracht en de driemaandelijkse vuurwerkhel voor mens en dier die in Nederland elk jaar ontstaat weer vorm begint te krijgen.

Het is hier te lande immers ‘traditie’ dat er vanaf november tot zeker half januari, dus zo’n drie maanden van het jaar, meer vuurwerk wordt afgeschoten dan waar ook ter wereld, dat er honderden gewonden en soms zelfs doden vallen door steeds zwaar wordend, niet meer van militaire projectielen te onderscheiden vuurwerk. De overheid staat daarbij toe dat er in die periode op haar grondgebied een feitelijke oorlogssituatie heerst, waarin burgers op straat levensgevaarlijke projectielen achterna geworpen kunnen krijgen en dieren wekenlang auditief gemarteld worden – als hun al geen nog erger lot is beschoren.

Weliswaar leek er vorig jaar een kantelpunt te zijn bereikt en bleek uit onderzoek dat een meerderheid van de bevolking vindt dat er een verbod moet komen op consumentenvuurwerk, en ook is de landelijke overheid er toe overgegaan de afsteektijd van het vuurwerk te beperken van 31 december 18.00 uur tot 02.00 uur ’s nachts. Aan dat laatste heeft men echter weinig als er, zoals het geval is, niet gehandhaafd wordt en goede handhaving door gebrek aan mankracht - met daarbovenop ook nog zware bezuinigen op en ondoordachte reorganisaties bij de politie - ook niet mogelijk is.

Dit jaar zijn er vlak voor het aanbreken van het knalseizoen zware terroristische aanslagen gepleegd in Parijs, waarbij meer dan honderd dodelijke slachtoffers zijn gevallen door automatische vuurwapens en bommen en heerst in heel Europa een nerveuze en paniekerige sfeer en een algemeen klimaat van angst, waarbij we afgelopen weekeinde op de Place de la République in Parijs al hebben kunnen zien hoe snel vuurwerk tot paniek onder duizenden mensen kan leiden. Daarom ook gold bij de bij nader inzien afgelaste voetbalwedstrijd Duitsland–Nederland van 17 november in Hannover een strikt vuurwerkverbod.

In Nederland daarentegen gaat de gebruikelijke vuurwerkorgie aan het einde van het jaar ook na de aanslagen op Parijs weer gewoon door. Van een algeheel verbod op consumentenvuurwerk is nog steeds geen sprake. Veel gemeenten weigeren zelfs vuurwerkvrije zones in te stellen. De politiek doet zijn uiterste best zelfs de laatste burger van zich vervreemden door toe te laten dat vanaf de straat, naast dat van IS, een tweede terreurfront wordt geopend, zij het van iets minder dodelijke aard.


Foto: Thinkstock

donderdag 22 oktober 2015

Het cynisme van het Ministerie van Sociale Zaken


Een ministerie dat zelf de grootste 'arbeidsuitbuiter' van het land is, roept burgers op 'arbeidsuitbuiting' onverwijld bij de inspectie te melden.


Het cynisme van de huidige Nederlandse overheid kent geen grenzen. Terwijl het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid sinds kort op internet en radio oproept tot het onverwijld melden van ‘arbeidsuitbuiting’,* stellen gemeentelijke sociale diensten in heel Nederland die allen onder de verantwoordelijkheid van dit ministerie vallen, al meer dan 10 jaar, in strijd met internationale mensenrechtenverdragen die ook Nederland geratificeerd heeft, bijstandsgerechtigden onbetaald en gedwongen te werk in veelal zware, afstompende en vernederende trajecten, die zij sinds 1 januari eufemistisch een ‘maatschappelijk nuttige tegenprestatie’ noemt. Hiermee is het ministerie dus zelf de grootste arbeidsuitbuiter van het land.

De 'tegenprestatie'

Als klap op de vuurpijl doet zelfs de Haagse rechtbank, die als alle andere rechtbanken zulke praktijken streng zou moeten veroordelen, hier vrolijk aan mee. Uitkeringsgerechtigden uit de gemeente Zoetermeer moeten daar immers gedwongen, onbetaald en onder intimidatie en ellendige werkomstandigheden dossiers van de Rechtbank Den Haag ‘opschonen’. Zo blijkt uit een artikel van de website Doorbraak van 29-9-2015, waarnaar hier de link en een passage eruit: http://www.doorbraak.eu/druk-op-zoetermeerse-dwangarbeiders-harder-werken-anders-ga-je-naar-je-maar-knoflook-pellen/

"Bijzonder dapper waren twee voormalige Zoetermeerse dwangarbeiders die vertelden over hun gedwongen gratis werk voor de Haagse rechtbank: dossiers opschonen. Het was zwaar werk, zwaarder nog dan hun betaalde collega’s verrichtten, omdat hun banen feitelijk zo uitgehold waren dat alleen het oersaaie en fysiek zware deel over was gebleven. Ze moesten 32 uur per week dossiers van strafzaken inhoudelijk doorspitten en aan de hand van een controlelijst een selectie maken van stukken die weg konden. Per dag moesten ze een vast omschreven aantal meters dossiers afwerken. Van de gruwelijke verhalen die ze moesten lezen, lagen ze soms ’s nachts wakker. Ze hadden geen opleiding voor dat werk, en er werden door de onbetaalde medewerkers vast en zeker fouten gemaakt die bijvoorbeeld gevolgen kunnen hebben in hoger beroepszaken. […] De dwangarbeiders in het archief zijn in twee categorieën ingedeeld: degenen die “los” ofwel zelfstandig mogen werken en degenen die “vast” zijn en voortdurend gecontroleerd worden. Bij welke categorie men belandt leek vooral een kwestie van persoonlijke voorkeur van de leiding. De voormalige dwangarbeiders vertelden dat ze niet ziek mochten zijn. Door het zware werk hadden ze veel fysieke klachten. Vakantie nemen was gedurende de maanden dat ze er werkten in principe ook niet mogelijk. Dwangarbeiders die kritisch, lastig of vaak ziek waren, werd verteld dat als ze niet mee- of doorwerkten, ze gestuurd zouden worden naar het project Centurion, de tomatenkas of knoflook moesten gaan pellen. Dat zijn andere werkplekken waar Zoetermeerse bijstandsgerechtigden gratis aan het werk moeten, en waar ze bijvoorbeeld in een koelcel van vier graden knoflook moeten verwerken."
 
Als zowel een ministerie als een rechtbank in een land zich zo cynisch opstellen en er daarnaast zo'n grote mate van algehele apathie heerst dat niemand nog de moeite neemt dit zelfs maar publiekelijk op te merken, is er in dat land iets grondig mis.

* www.meldarbeidsuitbuiting.nl  (Samen aan het werk tegen arbeidsuitbuiting)



Het cynisme van de huidige Nederlandse overheid kent geen grenzen.