woensdag 16 november 2016

PvdA op weg naar de verkiezingen: dwangarbeid in bijstand moet en zal




PvdA-staatssecretaris Jetta Klijnsma wil gemeenten in strijd met haar eigen Participatiewet pressen bijstandsontvangers te verplichten tot gedwongen tewerkstelling. De weinige Nederlandse gemeenten die dat niet doen gaat juf Jetta nu bestraffen.

Gemeenten die bijstandsgerechtigden geen ‘tegenprestatie’ (een eufemisme voor ‘dwangarbeid’) opleggen, worden binnenkort door PvdA-staatssecretaris Jetta Klijnsma daarvoor bestraft, zo meldde NRC-Handelsblad gisteren (15-11-16). Deze gemeenten zal door Klijnsma niet worden toegestaan deel te nemen aan een experiment, waarbij de steeds verder aangescherpte regels rond de bijstand op een bepaald punt iets worden versoepeld.

Al eerder heeft Klijnsma de weinige gemeenten die de ‘tegenprestatie’ niet verplicht stelden (bijvoorbeeld Amsterdam en Arnhem) in strijd met haar eigen Participatiewet opgedragen hun bijstandsontvangers wel tot gedwongen tewerkstelling te verplichten.

Gemeenten zijn volgens de Participatiewet namelijk alleen verplicht om hun beleid inzake de tegenprestatie in een verordening vast te leggen. Dat betekent niet dat zij daarmee worden verplicht om van alle bijstandsgerechtigden een ‘tegenprestatie’ te vragen. In een eerdere versie van het wetsvoorstel was dit wel het geval.

Juridisch dienstverlener Schulinck meldde hierover eerder: “Per 1 januari 2015 krijgt de gemeenteraad de verplichting om bij verordening regels te stellen over het opdragen van een tegenprestatie aan bijstandsgerechtigden. In het oorspronkelijke wetsvoorstel Wet maatregelen WWB was het opdragen van een tegenprestatie als een verplichting opgenomen. Daarop is veel kritiek gekomen: gemeenten zouden hierdoor minder beleidsvrijheid hebben. In de eerste Nota van wijziging op het wetsvoorstel heeft staatssecretaris Klijnsma de verplichting gewijzigd: gemeenten moeten beleid ontwikkelen over het verrichten van een tegenprestatie. De verordeningsplicht is gebleven. Ondanks dat de tegenprestatie niet meer als verplichting in het wetsvoorstel is neergelegd, voorzie ik nog steeds onduidelijkheden voor de uitvoeringspraktijk.”

Dat de allerstrengste bijstandswet die we in Nederland ooit hebben gekend, en die op het punt van gedwongen tewerkstelling zelfs in strijd is met internationale mensenrechtenverdragen, is ingediend door een staatssecretaris van de PvdA, die hem bij de praktische uitvoering dan ook nog strenger wil uitleggen dan op grond van de wetstekst zelf mogelijk is om coalitiepartner VVD in de nadagen van die coalitie nog zoveel mogelijk stroop om de mond te smeren, zegt wel iets over de mate waarin deze PvdA haar ‘ideologisch veren heeft afgeschud’. Deze sociaal-democraten zijn zo kaal als een doodzieke papagaai.  De sociaal-economisch allerzwaksten in de samenleving drukt ze nog wat verder in de modder van vernederende en geestdodende dwangarbeid. Daar helpt geen lieve Lodewijk Ascher meer aan.

Die trouwens als Minister van Sociale Zaken de baas van Klijnsma is.

vrijdag 11 november 2016

Nu al stemmen voor afzettingsprocedure Donald Trump


Nog geen twee dagen na de verbijsterende uitslag van de Amerikaanse presidentsverkiezing van 2016 met hun ongelooflijke keuze voor de dubieuze vastgoedmagnaat Donald Trump als winnaar, wordt er, behalve dat er in de hele natie felle protesten tegen Trump als president zijn, in de VS al gesproken over de mogelijkheid om een impeachment-procedure op te starten tegen hem, d.w.z. hem in staat van beschuldiging te stellen om zo tot afzetting te kunnen besluiten.

In het Britse online nieuwsblad Independent betoogt hoogleraar rechtswetenschappen Christopher Peterson, dat Trump al binnen enkele weken kan worden afgezet vanwege frauduleuze handelingen rond de door de president elect opgerichte Trump University.

http://www.independent.co.uk/news/world/americas/us-elections/donald-trump-impeached-could-he-be-can-us-president-election-stop-a7410756.html


Politico, het magazine van de gelijknamige Amerikaanse politiek-journalistieke organisatie, berichtte zelfs al in april uitvoerig over de mogelijkheid de Republikein Trump af te zetten mocht hij ooit tot president gekozen worden. Juridische gronden voor een inbeschuldigingstelling lijken er in het verleden van de miljardair immers voldoende te vinden. Zou de mensheid dan toch nog voor de ramp van dit presidentschap, dat de hele wereldorde dreigt te verstoren, behoed kunnen worden?


http://www.politico.com/magazine/story/2016/04/donald-trump-2016-impeachment-213817

 


woensdag 19 oktober 2016

"Voltooid leven': wordt de neoliberale beker tot op de bodem geleegd?



De Nederlandse overheid vindt ouderenzorg te duur, breekt die resoluut af en propageert euthanasie voor deze bevolkingsgroep als ultieme vorm van waardige zelfbeschikking.


Hersenwetenschapper Victor Lamme stelde begin dit jaar dat de Nederlandse Vereniging voor een Vrijwillig Levenseinde (NVVE) technieken uit de marketing gebruikt om de gekozen dood aan de man te brengen (Pas op! Sluikreclame voor euthanasie, NRC-Handelsblad 26-2-16).[1] Hoe goed zij hierin inmiddels is geslaagd, bleek onlangs uit de algehele verontwaardiging toen dochter Lilian van Jan Marijnissen de vraag opwierp of er geen verband bestaat tussen de bezuinigingen in de ouderenzorg, waardoor veel ouderen depressief en eenzaam zijn geworden, en het kabinetsplan voor stervenshulp bij een ‘voltooid leven’. Een verband dat ik overigens scherper dan in de Nederlandse pers en media heb zien formuleren in een opiniestuk, dat echter wel een aantal erg boude beweringen bevat, van de in Nederland woonachtige, maar in het Engels publicerende columniste Flavia Dzodan op de in Los Angeles gevestigde website Medium.com.: Euthanasia as a Dutch  neoliberal success story.[2]

Euthanasiemarketing in een samenleving die al decennia gedomineerd wordt door de ideologie van het neoliberalisme, waarin de markt centraal staat, alles gericht is op economische groei tegen elke prijs en verhoging van de arbeidsproductiviteit, vormt echter een ernstige bedreiging voor het recht op leven (het meest fundamentele van alle grondrechten) voor - veelal niet meer werkzame en dus improductieve, en door ouderdomskwalen vaak ook nog eens medische kosten veroorzakende - senioren. Die dan, evenals de rest van de bevolking, ook al decennialang worden blootgesteld aan een vrijwel onophoudelijke propaganda voor euthanasie.

Voorstanders van stervenshulp bij een ‘voltooid leven’- en van euthanasie in het algemeen - beroepen zich op het zelfbeschikkingsrecht, dat in de liberale optiek boven elk ander recht gaat. Veel ouderen vinden toch uit eigen vrije wil hun leven voltooid, luidt de steevaste tegenwerping van de voorstanders van het plan voor een nog vrijere euthanasiewetgeving als zij geconfronteerd worden met verzet.

Nog afgezien echter van het feit dat in de Nederlandse context de interpretatie van het zelfbeschikkingsrecht - dat hier vaak in verband wordt gebracht met artikel 11 van de Grondwet[3] - als een recht op euthanasie discutabel is,[4] en van het feit dat in het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM) artikel 2 waarin het recht op leven is vastgelegd, boven alle andere artikelen prevaleert, en dus ook boven die waarin het zelfbeschikkingsrecht wordt geregeld (zie bijvoorbeeld de uitspraak van het Straatsburgse Hof in de zaak Pretty versus Verenigd Koninkrijk): hoe autonoom zijn ouderen die door decennia van onophoudelijk bezuinigingsbeleid in zulke ellendige omstandigheden zijn komen te verkeren,[5] dat zij in hun wanhoop alles zouden doen om daaraan te ontkomen, en die bovendien, zoals gezegd, voortdurend bestookt worden met euthanasiepropaganda?

In zijn aan het begin van dit stukje genoemde artikel van Victor Lamme laat deze glashelder zien hoe mensen zich door de marketing van de NVVE, een mix van emoties en sociale druk, kunnen laten verleiden tot een ogenschijnlijk vrij, maar in werkelijkheid wezensvreemd besluit.

Geplaatst in het kader van de neoliberale ideologie, waardoor onze samenleving al jarenlang wordt beheerst, en die gekenmerkt wordt door eindeloze bezuinigingen, de afbraak van de sociale zekerheid, de verhoging van de pensioenleeftijd in combinatie met de verlaging van de pensioenen, het bestraffen van ziek zijn door invoering van een verplicht ‘eigen risico’ bij de zorgverzekering, de gedwongen tewerkstelling van werklozen, enzovoort, enzovoort, kan het plan van ‘een voltooid leven’ bijna niet anders worden gezien dan als het sluitstuk van een bijna voltooide neoliberale revolutie, dat in de propaganda wordt afgeschilderd in pasteltinten en verkocht als enerzijds een vorm van barmhartigheid van de overheid en anderzijds een daad van fiere zelfbeschikking van de suïcidale oudere. Hier wordt ondanks de zware historische beladenheid hiervan de dood dus gepresenteerd als oplossing voor een vermeend probleem bij een bepaalde bevolkingsgroep.

In plaats van zich te schamen een land achter te laten waarin ouderen niet meer willen leven, verwijt onze VVD-premier die eindverantwoordelijk is voor het gevoerde beleid, politieke tegenstanders die een voor de hand liggend verband zien tussen de rigoureuze bezuinigingen op de ouderenzorg en het plan voor een regeling voor ‘voltooid leven’ van ‘smakeloosheid’ en ‘een laag niveau’. Voor het met deze woorden pareren van een evident verband verdient onze Eerste Minister zonder meer de Al-Sahaf Award, vernoemd naar de Irakese Minister van Informatie onder het regime van Saddam Hussein.





[3] ‘Ieder heeft, behoudens bij of krachtens de wet te stellen beperkingen, recht op onaantastbaarheid van zijn lichaam.’

[4] zie B.C. van Beers, Commentaar op artikel 11 van de Grondwet, in: E.M.H. Hirsch Ballin en G. Leenknegt (red.), Artikelsgewijs commentaar op de Grondwet, webeditie 2016 (www.Nederlandrechtsstaat.nl).

[5] Bejaardenhuizen werden immers op grote schaal gesloten, men moest maar langer thuis blijven wonen - wat men toch zelf ook zo graag wilde -, op zorg en hulp werd rigoureus bezuinigd, onder verwijzing naar de in de vorige troonrede geïntroduceerde ‘participatiesamenleving’ moest men maar een beroep doen op zijn veelal non-existente ‘eigen netwerk’. De Nederlandse staat is dan ook al verschillende malen over de kwaliteit van de ouderenzorg gekapitteld door mensenrechtenverdragencomités als het CESCR (Committee on Economic, Social and Cultural Rights): http://www.mensenrechtenkwesties.nl/zoeken/detail/1065?zoekUrl=%2fzoeken%2fresultaten%2f1%2f-%2f-%2f-%2f-%2f-%2f-%2f1000000059%2f-%2f-


dinsdag 27 september 2016

Jesse Klaver, maak excuses voor je voorgangers




GroenLinks heeft zich onder Femke Halsema nog bekeerd tot het neoliberalisme. Hoe geloofwaardig kan deze partij nu dan weer kiezen voor ‘klassiek linkse thema’s’?

Louis van Overbeek

GroenLinks onder Jesse Klaver lijkt een koerswijziging te hebben gemaakt. Nadat GroenLinks - een fusie van vier kleine linkse partijen - zich in navolging van vrijwel alle andere politieke partijen onder leiding van de dames Halsema en Sap onder een modieus ‘afschudden van zijn ideologische veren’ had bekeerd tot het (door Klaver inmiddels tot ‘economisme’ omgedoopte) neoliberalisme, verklaart de nieuwe lijsttrekker immers weer te kiezen voor ‘klassiek linkse thema’s’ als de strijd tegen de toenemende ongelijkheid in de samenleving. In die context nodigde hij de Franse econoom Piketty uit in de Tweede Kamer.

Klaver is een jonge, welbespraakte, mediagenieke figuur die veel kiezers aanspreekt. Met zijn aanstekelijke, bijna Obamiaanse, enthousiasme kan hij wellicht mogelijk maken wat in landen in Zuid-Europa (Syriza, Prodemos), in de VS (Bernie Sanders) en in het VK (Jeremy Corbin) ook is gelukt: het met een onvervalst sociaal-democratisch geluid met name jonge, idealistische kiezers een alternatief bieden voor de lokroep van het nationalistische en xenofobe populisme, die ook hier steeds luider wordt, en het neoliberalisme, dat overal de sociale zekerheid heeft uitgekleed. Ook Nederland houdt het al decennia in zijn technocratische greep en heeft het zozeer gedepolitiseerd, dat bijvoorbeeld VVD-premier Rutte bij de van oudsher eerder als links dan als rechts georiënteerd bekend staande VPRO in het programma Zomergasten twee weken voor Prinsjesdag en bij aanvang van de verkiezingsperiode een hele avond campagne mocht voeren.

Maar voordat Klaver deze rol kan gaan spelen is het wel noodzakelijk dat hij eerst een daad van vertrouwen stelt, zonder welke de linkse kiezer moeilijk zal kunnen geloven dat de woorden van de nieuwe lijsttrekker van een partij die kort geleden zelf nog een overtuigde bekeerling van het neoliberalisme bleek te zijn, geen holle frasen zijn en zijn partij werkelijk haar dwalingen heeft ingezien. Klavers recente instemming met het plan van VVD-minister Schippers voor stervenshulp bij een ‘voltooid leven’ (een neoliberale deeloplossing voor de problematiek van de verwaarloosde ouderen) draagt ook al weinig aan dat vertrouwen bij.

In dat kader zou Klaver excuses moeten maken voor op zijn minst twee zaken: ten eerste voor het feit dat zijn partij, en dan vooral op lokaal niveau (denk aan types als de voormalige Amsterdamse GL-wethouder Andrée van Es, maar ook aan bijvoorbeeld GL-senator en oud-voorzitter van Divosa, Tof Thissen), zich - op zelfs nog fanatiekere wijze dan de VVD  - schuldig gemaakt heeft aan het bashen en vernederen van bijstandsgerechtigden door van dezen in ruil voor hun uitkering eerst (onder de Wwb) in zogeheten Work First-trajecten (lees: gedwongen tewerkstellingsplekken) te plaatsen en later (onder de huidige Participatiewet) een tegenprestatie (lees: dwangarbeid) in ruil voor hun uitkering te eisen.

Halsema en VVD-minister Kamp kussen elkaar
Excuses zijn ook op hun plaats voor de woorden van mevrouw Halsema, door wie Klaver zelf in 2010 naar Den Haag werd gehaald, en die het bestond de SP, de enige partij die nog enig oog had voor de economische onderkant van de samenleving, ‘sociaal conservatief’ te noemen, iets dat niet paste bij een moderne, positieve partij als GL en waarmee ze bedoelde: niet bereid de in de naoorlogse jaren moeizaam opgebouwde sociale zekerheid bij het grof vuil te zetten. Een uitspraak die terecht gekwalificeerd is als ‘een minne manier om mededogen te diskwalificeren’.

Pas na diepe en geloofwaardige verontschuldigingen voor zulke grove neoliberale dwalingen door zijn partij zal Klaver zich op overtuigende wijze kunnen kandideren als lijsttrekker van links bij de komende parlementsverkiezingen. Wellicht onder gebruikmaking van een leus die weinig beschaafd van taal is, maar niettemin ontleend aan het vocabulaire van onze huidige premier zelf: Rutte, pleur op!






donderdag 8 september 2016

Recent rapport FNV: Wmo-beleid Zutphen broddelwerk




Het was te verwachten: de gemeente Zutphen die bij de decentralisatie van overheidstaken het aantal uren huishoudelijke hulp in het kader van de Wmo (Wet maatschappelijke ondersteuning) bijna standaard halveerde zonder goede onderbouwing en zonder maatwerk te leveren, handelde hiermee, evenals tal van andere gemeenten, in strijd met de wet. Deze gemeenten zijn hierover dan ook in mei van dit jaar door de hoogste rechter op dit gebied, de Centrale Raad van Beroep (CRvB) en de staatssecretaris op de vingers getikt. De gemeente Zutphen vond niettemin desgevraagd dat haar beleid niet hoefde te worden bijgesteld. Op dit blog werd over dit alles eerder bericht op 26 mei jl.

Als vervolg op deze berispingen is zeer recent (dinsdag 6 september jl.) in opdracht van de FNV door de befaamde jonge jurist Kevin Wevers, onder de titel Onderzoek gemeentelijk Wmo-beleid, een vernietigend rapport gepubliceerd, dat een overzicht bevat van alle gemeenten met betrekking tot de vraag in hoeverre zij bij de toekenning van hun huishoudelijke hulp handelen conform de wet Wmo 2015 en de jurisprudentie.

De bevindingen aangaande de gemeente Zutphen zijn in dit rapport te vinden op pagina 100. Ik citeer:

151. Zutphen:*
Uit de informatie van de website kan worden opgemaakt dat wordt gewerkt met maatwerkvoorzieningen en indiceren in uren.

Een blik op de normtijden uit 2012 maakt duidelijk dat wordt gewerkt met verlaagde normtijden, zonder dat duidelijk is waar de verlaagde normtijden op zijn gebaseerd.

De normtijden wijken af voor zowel het lichte als zware werk en het verschil is vrij fors. Wellicht dat met de inwerkingtreding van de Wmo 2015 een nieuw protocol wordt gehanteerd, maar het lijkt ons uiterst onwaarschijnlijk dat de normtijden sindsdien zijn verhoogd.

Conclusie Zutphen: de verlaagde normtijden zullen waarschijnlijk niet standhouden. Alleen als blijkt dat de nieuwe normtijden tot stand zijn gekomen na goed, objectief onderzoek, uitgevoerd door derden die geen belang hebben bij de uitkomst van het onderzoek hebben, zal het protocol wellicht standhouden. Dit is vooralsnog een onwaarschijnlijke aanname.

Uit het geciteerde rapport blijkt dat maar liefst 77% van alle gemeenten (minstens 77%, sommige gemeenten weigerden botweg de benodigde gegevens te verschaffen aan de onderzoeker) zich bij de uitvoering van de Wmo niet aan de wet houdt. De gemeente Zutphen lijkt over dit wangedrag te denken zoals sommige automobilisten die in de slipstream van hun voorgangers door rood licht rijden: als degene voor mij het doet, kan ik het ook het wel maken.

Zie ook site van Reporter Radio op Radio 1:

http://www.nporadio1.nl/reporter-radio/onderwerpen/374024-reportersnl-70-van-de-gelderse-gemeenten-voldoet-niet-aan-de-wmo




Naast bovengenoemd rapport verscheen op 6 september jl. (dezelfde dag waarop ook her rapport verscheen) op de website van Omroep Gelderland een inventarisatie van het Wmo-beleid van alle Gelderse gemeenten.* Hierin wordt ook de gemeente Zutphen genoemd als een van de gemeenten die hun onwettige beleid niet aanpassen.

In dit bericht wordt ook gewag gemaakt van claimbrieven van de FNV aan de gemeente Zutphen die door haar zijn afgewezen.  Navraag bij Omroep Gelderland naar de precieze inhoud van deze claims en het en de motivering van de afwijzing leverde het volgende resultaat op (vragen Omroep Gelderland en antwoorden gemeente Zutphen):


-Waarom gaat er niets veranderen?
Gemeente Zutphen levert al maatwerk. We kijken naar de klant en indiceren op basis van zijn of haar situatie. Op basis daarvan leveren we uren af. Het huidige beleid van de gemeente Zutphen is dus niet in strijd met de uitspraken van de CrVB en hoeft dus niet te worden aangepast.

-Hoeveel claimbrieven heeft u gekregen van cliënten die via de FNV-actie of een actie van een andere organisatie een brief hebben gestuurd om hun uren terug te krijgen?
Dat heb ik niet helemaal scherp, maar een stuk of 5 à 10 zijn binnengekomen. In de brief wordt de gemeente verzocht om op basis van uitspraken van de CRvB de indicatie huishoudelijke hulp te verhogen. Daarnaast wordt gevraagd om een schadevergoeding.

-Wat is het antwoord dat de cliënten hebben gekregen of gaan krijgen?
De cliënten hebben een reactie ontvangen in de lijn met het bovenstaande. Omdat het huidige beleid van de gemeente Zutphen niet in strijd is met de uitspraken van de CrVB, hoeft deze niet te worden aangepast. 
 


http://www.omroepgelderland.nl/nieuws/2116147/Hoe-zit-het-met-de-huishoudelijke-hulp-in-uw-gemeente-

zaterdag 20 augustus 2016

Nieuwswinter



Nederland is de laatste jaren, het is al van verschillende kanten opgemerkt, erg in zichzelf gekeerd geraakt. Het heeft, behalve als het volstrekt onontkoombaar wereldnieuws betreft (Brexit, Trump, etc.), nauwelijks meer belangstelling voor de rest van de wereld. Al langer is sprake van een ontwikkeling waarbij actualiteiten, achtergronden bij het nieuws of duiding een steeds kleinere plaats innemen bij de publieke omroep. Van een bont scala van actualiteitenrubrieken, zowel op radio als televisie, is nog slechts een schamel restje overgebleven, waarbij dan ook nog veel aandacht uitgaat naar sport, wat feitelijk geen nieuws, maar amusement is, en waarbij namen worden gebruikt als De Nieuws BV en Nieuws en Co, die eerder naar het bedrijfsleven dan naar de journalistiek verwijzen, en veelal gepresenteerd worden door voormalige diskjockeys. Deze zomer werd op dit vlak een dieptepunt bereikt.

De zomer van 2016 was immers vooral de zomer waarin de burger in Nederland door de publieke omroep onder de naam ‘sportzomer’ op tirannieke wijze op een streng dieet van sport, sport en nog eens sport werd gezet. Radio- en televisiezendtijd werd maandenlang vrijwel de klok rond gevuld met hysterische verslagen van voetbalwedstrijden, tennis, wielrennen, Olympische Spelen, zwemmen, atletiek en wat al niet, en de buitenwereld hield, hoewel zich daarin tal van historische gebeurtenissen voltrokken, bijna op te bestaan. Meer nog dan van een ‘sportzomer’ was er sprake van een ‘nieuwswinter’. Zelfs hoofdzakelijk uit vertier bestaande, maar soms een sprankje opinie bevattende talkshows werden van het scherm gebannen, hetgeen zelfs onze minister van Binnenlandse Zaken deed verzuchten dat actualiteit en debat kennelijk geen kerntaken van de publieke omroep meer waren.

Zelfs aan gebeurtenissen die zich afspeelden in ons directe buurland en plaatsvonden op een beleidsterrein waarop zich bij ons vergelijkbare ontwikkelingen hebben voorgedaan - de onder neoliberale invloed van de afgelopen decennia steeds verdere aanscherping van de regels in de sociale zekerheid - werd in de mainstream pers en media geen serieuze aandacht besteed.

Nadat het Duitse Constitutionele Hof (het Bundesverfassungsgericht) in Karlsruhe (het gerechtshof dat tot taak heeft om wetten in geval van twijfel aan de grondwet te toetsen) in 2010 het lage niveau van de Hartz IV-uitkering (de Duitse bijstand) ongrondwettig had verklaard, want niet verenigbaar met de menselijke waardigheid, en nadat uit berichtgeving in Spiegel Online (o.a. op 8 april jl.) was gebleken dat in meer dan één op de drie gevallen klagers tegen strafkortingen op hun uitkering door de Duitse rechter in het gelijk worden gesteld, oordeelde het Sozialgericht van Gotha (deelstaat Thüringen) op 26 mei 2015 dat het opleggen van strafkortingen aan bijstandsgerechtigden deze mensen onder het bestaansminimum drukt, en in strijd is met de eisen van de menselijke waardigheid, die in de Duitse Grondwet zijn verankerd.

Om deze reden werd de uitspraak doorverwezen naar het Bundesverfassungsgericht, dat in juni 2016 van mening bleek dat de rechters uit Gotha ‘gewichtige Fragen’ aan de orde stelden, maar het verzoek tot toetsing door het Hof op formele gronden afwees. De rechters uit Gotha hadden onvoldoende duidelijk gemaakt of de klager wel voldoende geïnformeerd was geweest over de gevolgen van zijn handelwijze (sancties), omdat de kwestie anders geen zaak zou zijn voor het Hof. Uit Gotha heeft men Karlsruhe inmiddels laten weten dat de klager wel degelijk op de hoogte was van de gevolgen van zijn handelen en men alsnog verzocht om toetsing.

Een interessante vraag is of men ook voor de Nederlandse praktijk iets kan leren van dit Duitse voorbeeld. Het sanctioneringregime is hier immers niet milder dan bij onze oosterburen. In het hier genoemde geval was sprake van een strafkorting van tweemaal 30, dus 60%. In Nederland bedragen strafkortingen in reactie op weigering van in het kader van de Participatiewet verplichte arbeid soms wel vrolijk 100%.

Een probleem is dat men in Nederland, hoewel dat zichzelf aanduidt als ‘zetel van het internationale recht’, een nationale wet, in dit geval de Participatiewet, anders dan in vrijwel elk ander Europees land, niet kan toetsen aan de Grondwet.[1] Hiervoor moet men in Nederland gebruik maken van de omweg van toetsing aan een Europees of internationaal verdrag, bijvoorbeeld het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM). In dít verdrag is echter geen bepaling opgenomen waarop men zich in dit geval zou kunnen beroepen.

Daarvoor moet men zich wenden tot het Europees Sociaal Handvest (ESH), dat in artikel 13 bepaalt dat nationale staten ervoor dienen te zorgen dat iedereen recht kan doen gelden op adequate ondersteuning. Indien strafkortingen worden toegepast op mensen met een bijstandsuitkering komen dezen onder het bestaansminimum, wat strijdig is met de menselijke waardigheid en in strijd is met het Handvest. Iets vergelijkbaars geldt voor het Internationaal Verdrag inzake economische, sociale en culturele rechten (IVESCR), een verdrag van de Verenigde Naties, gebaseerd op de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens, dat in artikel 11 mensenrechtelijke normen voor een behoorlijke levensstandaard formuleert. De bepalingen uit beide laatstgenoemde verdragen worden evenwel over het algemeen niet aangemerkt als ‘een ieder verbindend’. Men kan er dus geen beroep op doen bij een rechter. Uiteindelijk beslist de rechter daarover evenwel zelf. 

Laat ons vooralsnog eerst maar wachten op de uitspraak in Karlsruhe, die wellicht ook voor Nederland van belang is. Hopelijk is tegen die tijd de ‘sportzomer’ hier eindelijk voorbij en horen we er zelfs in Nederland iets van.


[1] Overigens is de situatie in Nederland, ontdekte ik toen ik met dit stukje bezig was, nog veel absurder. Zelfs al zou de rechter in Nederland wel aan de grondwet kunnen toetsen, dan nog zou hij daarmee in dit geval niets opschieten en zou hij het Sozialgericht Gotha niet kunnen navolgen: in Nederland is namelijk het begrip ‘menselijke waardigheid’, dat is vastgelegd in de preambule van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens en de basis vormt van alle grondrechten, niet eens in de grondwet verankerd.

donderdag 16 juni 2016

Voor fraude veroordeelde wethouder weigert hulp terug te geven



De Gelderse gemeente Voorst is een van de vele gemeenten die, naar in mei van dit jaar bekend werd, fors geld heeft overgehouden aan de decentralisatie van overheidstaken in het kader van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo), waaruit onder andere de huishoudelijke hulp aan oudere en gehandicapte burgers wordt bekostigd. Deze zijn sinds vorig jaar immers van het rijk, onder toepassing van stevige bezuinigingen, overgedragen aan de gemeenten, die zelf ook flink het mes hebben gezet in het aantal uren hulp dat burgers nog krijgen toegewezen.

De nieuwe Wmo-taken hebben ook de gemeente Voorst, zo meldde de regionale krant de Stentor op 23 mei, ‘geen windeieren gelegd’. De gemeente hield hieraan 886.000 euro over.

Vervelend voor de gemeente is alleen, dat zij op een zodanige wijze gesneden heeft in het aantal eerder toegekende uren hulp - elke zorgontvanger moest een derde van zijn aantal uren inleven - dat dit juridisch niet door de beugel kan, en de gemeente deze uren moet teruggeven. Aldus immers de Centrale Raad van Beroep (CRvB), de hoogste rechterlijke instantie op dit gebied, op 18 mei jl. (ik vat samen): het korten op huishoudelijke hulp dient te berusten op objectieve criteria uit deugdelijk en onafhankelijk onderzoek en zonodig moet passend maatwerk worden geboden.

Dat dit in Voorst niet is gebeurd - daar is immers iedereen met een derde gekort -  maakt volgens de wethouder, Wim Vrijhoef  (D66), eerder wethouder en fractievoorzitter in Nijmegen en landelijk partijvoorzitter van D66, niet uit en aanpassingen zijn volgens hem niet nodig. 

Wethouder Vrijhoef van Voorst
In de Stentor van 14 juni verklaarde wethouder Vrijhoef: "Wie geen bezwaar maakte, ging akkoord met de korting. Daarmee hebben we dus een maatwerkoplossing geboden en geen algemene voorziening - die van de Raad niet mag." Een logica waarmee de wethouder niet alleen de wet en de uitspraak van de hoogste rechter aan zijn laars lapt, maar die ook rechtstreeks uit Alice in Wonderland lijkt te komen.


De hulpbehoevende burgers van Voorst zullen het dus moeten blijven doen met  hun uitgeklede zorg. Pikant hierbij is dat de wethouder die hen van de hulp waarop zij recht hebben berooft, Wim Vrijhoef, zo meldde de NOS op 23-4-14 onder de kop Ophef om strafblad D66-wethouder, eerder veroordeeld is tot een celstraf vanwege fraude met gemeenschapsgeld, waarbij hij als directeur van de Gelderse Ontwikkelingsmaatschappij 600.000 euro in eigen zak had gestoken.*

Het plaatselijke college van B&W, bestaande uit CDA, D66 en het lokale Gemeente Belangen, zag in het strafblad van een fraudeur met gemeenschapsgeld, die opnieuw de beschikking zou krijgen over publiek geld, kennelijk geen beletsel voor een wethouderspost in Voorst. 

* http://nos.nl/artikel/639340-ophef-om-strafblad-d66-wethouder.html


Zie ook de website Foute Politici:

http://www.foute-politici.nl/2014/10/wim-vrijhoef-d66.html